1981 started reading colourrings bij Spoonbills, Geese, Gulls, asist in the field with ringing,1989became member of SLON (stichting Lepelaar onderzoek Nederland)fieldwork on spoonbills in France, Belgium,Spain, Morocco. Since 1997 also in Mautitanie and Senegal Visit since 1999 every year Banc d;Arguin Mauritania and Sehegal(Djoidjparc.
Wetenschappelijkonderzoeksvoorstelvan wrkgroeplepelaar t.b.v. Vogeltrekstation Heteren(VT)
Na het gereedkomen van het soortbeschermingsplan lepelaar(VBN1994)in opdracht van het ministerie van Landbou(LNV).
In dit plan zijn doelen en acties geformuleerdmet als doelstelling het veiligstellen van een levensvat- bare broed populatie in Nederlandmet een populatieomvang groei naar 1000 broedparen in 2010.
Bijbehorende acties zijn (1) het jaarlijks monitoren van de omvang van 11 broedkolonies. (bij groei ook nieuwe kolonies monitoren)INzicht krijgen in de ligging en het gebruik van de internationale trekbaan, alsmede inzicht verkrijgen in de kwaliteit(voor lepelaars) van de belangrijkste pleisterplaatsenen (2) het kleurringen van jonge lepelaars en het opbouwen van een internationaal netwerk van waarnemers langs de trekbaan. Waarnemingen smenbrengen in een databse en waarnemingen grondig documenteren jaarlijks schriftelijk raporteren van de bevindingen aan ministerie LNV.(is: bevoegdgezag)Actie;populatie opladen met gekleurringde individuen tot een maximum van 15 % van de aanwezige dieren.(advies ProfR.Drent(RUG-dierecologie).
Bezwaarlijk is het voetzetten door mensen in de broedkolonies, gedurende het broedseizoenHier loerthet gevaar van ernstige verstoring,daarom zal betreding van de kolonies uitsluitend plaatsvinden door 1 persoon(ringer) en maximaal 1 helper.en dat maximaal drie keer per broedseizoen(1keer voor vroege jongen en 1keer voor de midden groep en dan nog 1 keer voor de late jongen. Het daadwerkelijk voetzetten in een broed kolonie mag ter beschermingvan andere broedende vogels uitsluitend plaatsvinden gedurende peioden van lagwater(eb)en bij droog weer.Ten behoeve van de monitoring van de omvang van de broedkolonie volstaat het na het broedseizoen tellen van aanwezige nesten.Pas geringde jongen dienen nahet ringen terstond weer in vrijheid te worden gelaten.Er mogen uitsluitend ringen van het vogeltrekstation(VT) worden gebruikt.Indien besloten worst ook kleurringen te gebruikendient men vooraf toestemming van VT te vragen voor soort ring en kleuren.
Het voetzetten in broedkolonies wordt in ieder geval stop gezet als doelen behaald zijn; doelen te weten 15% aanwezige dieren is gekleurringd omvang der nederlandse broedkolonies tesamen is 1000 paren of meer. Jaarlijks dient de werkgroep lepelaar de gegevsns van geringde dieren alsmede van hun terugmeldingen daarvan digitaal aan het Vogeltrekstation te verstrekken via het programma Poot.(later Griel)
Dit voorstel is opgesteld door O.Overdijk (werkgroep lepelaar)en Cees de Vries (afd. onderzoek Natuurmonumenten)Mondeling besproken op 14 januari 1995 met A.van Noordwijk,R.Wassenaar en G.Speeken Tom van de Have(VBN) ten kantore van Het Vogeltrekstation Heteren. Op 27 maart 1994 ontving Werkgroeplepelaar de schriftelijke goedkeuring voor dit voorstel Met de opmerking dat goedkeuring geldig is tot de omschreven doelen gehaald zijn.
een jaar later ontving werkgroep lepelaar ook de benodigde nB wet ontheffing voor uitvoering van deze activitieten.in het Waddengebied:provincies Groningen, Friesland en Noord- Holland. Wel dient de werkgroep jaarlijks te melden (aan LNV)hoe vaak en waar de artikel 20 (gesloten gebieden) betreden zijn, door hoeveel personen en hoeveel jongen er geringd werden.
Geef een reactie